Potloodslijpsel! Potloodslijpsel?

Vragen, vragen, vragen!

Al sinds de wijnbloggersdag op het ROC van Amsterdam zit ik met één woord in mijn hoofd: potloodslijpsel. Slijpsel 1

Een potlood bestaat voor zover ik weet, uit een bepaalde soort licht maar stevig hout zoals sakura of ceder. In het midden zit een compositie van klei en grafiet. (als we het tenminste over zwarte potloden hebben!)


Een van de proevers merkte bij het proeven van een wijn gemaakt van de cabernet franc druif op dat hij het herkende aan de typische geur van potloodslijpsel. Ik heb in mijn leven toch al menigmaal met mijn neus boven een glas wijn gehangen en omdat de cabernet franc zo ongeveer mijn favoriete rode druif is, zou ik dat fenomeen toch ook wel eens hebben moet herkennen. Het was volkomen nieuw voor me!

Meteen na thuiskomst ben ik er in gedoken en met behulp mijn boeken meteen aan de slag gegaan. In de boeken, die natuurlijk uit een lang vervlogen tijd zijn, wordt eigenlijk nergens melding gemaakt van deze geur, dit aroma. Dus Goooogle! En tot mijn verbazing kwam ik inderdaad het woord potloodslijpsel als geur in wijn tegen. Maar niet alleen in wijnen van de cabernet franccabernet franc, veel vaker nog in wijnen van de cabernet sauvignon. Twee druiven die als vader en kind aan elkaar verbonden zijn, dus dat zou kunnen. (PS. De succesvolle cabernet sauvignon is ontstaan uit de liefdevolle relatie tussen de cabernet franc en de sauvignon blanc. Op haar zoektocht naar de origine van de in de US populaire zinfandel stootte Professor Carole Meredith van de University of California in Davis op voornoemde relatie.) In de beide cabernets wordt deze geur dus herkend!

Ik begin me daardoor af te vragen of deze typische geur van potloodslijpsel iets is van de laatste twintig jaar! En dat is dan weer vreemd in een periode dat zwartschrijvende potloden zo goed als niet meer gebruikt worden. Ik heb nog een potlood gevonden en zelfs een slijper en ben gaan slijpen. Het spul in een bakje gedaan en geroken. Ik rook hout! Cederhout? Vanwege de samenstelling van een potlood; te weten cederhout, grafiet en klei en lijm, is de geur van cederhout niet zo gek. De lijm, gebruikt om de twee helften van het potlood met daartussen de vulling van grafiet en klei, onlosmakelijk met elkaar te verbinden, gaf wat mij betreft geen geur af. De geur van het grafiet kon ik als zodanig niet herkennen. Op mijn zoektocht kwam ik op diverse sites het woord potloodslijpsel ook nog tegen als een smaakomschrijving. Geur, oké! Maar smaak? Je maakt mij toch niet wijs dat er iemand is geweest die een hap potloodslijpsel heeft zitten doorgronden!

Voor mij is de typische geur van de cabernet franc toch wel die van groene paprika en iets meer rood fruit zoals bosaardbeien dan in de cabernet sauvignon, waarin het zwarte fruit overheerst.

Het viel me wel op dat bij beschrijvingen van wijn waarin potloodslijpsel als geur werd weergegeven ook de geur van cederhout stond omschreven. Welnu, is het misschien zo dat in deze gevallen de zelfde geuromschrijving in twee verschillende bewoordingen wordt gebruikt? Voorlopig ga ik er van uit dat de schrijvende proevers in hun niet aflatende speurtocht naar aroma’s in wijn soms iets te ver gaan. Net als die persoon die de creatie van een top bordeaux vergeleek met het schrijven door Mozart van een van zijn vele pianoconcerten!

Wie het weet mag het zeggen!

Tot zover . . .

Chris Koot

Wijn is het bewijs dat God ons lief heeft
en dat hij het prachtig vindt om ons gelukkig te zien! 
Looft de Heer!
Dit bericht is geplaatst in Columns, Wijn met de tags . Bookmark de permalink.

Geef een antwoord

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd.